Garnacha Negra - druif
De Garnacha Negra, in Frankrijk ook wel Grenache genoemd, is een van de oudste en meest veelzijdige druivensoorten ter wereld. Oorspronkelijk afkomstig uit Spanje, waar de druif zijn roots heeft in de regio Aragón, wordt Garnacha vandaag de dag in veel wijnregio’s wereldwijd verbouwd, natuurlijk in Priorat, Spanje, en verder van Frankrijk (met name in de Zuid-Rhônevallei) tot Australië en de Verenigde Staten.
Garnacha Negra rijpt vrij laat ein is dus ook relatief laat in het seizoen oogstbaar. De druif staat bekend om zijn dikke schil, wat bijdraagt aan de kleurintensiteit van de wijnen. De bessen zelf zijn vaak groot, met een dunne huid die veel suikers bevat. Dit maakt de druif bijzonder geschikt voor het maken van wijnen met een hogere alcoholgraad en een volle body.
De druif gedijt het beste in warmere klimaten, waar hij goed kan rijpen. Garnacha kan goed groeien op arme, goed doorlatende bodems, zoals die van de wijngaarden in Priorat (waar de llicorella bodem een belangrijke rol speelt in het karakter van de wijn).
De wijnen die van Garnacha Negra worden gemaakt, staan bekend om hun fruitige en kruidige aroma's. Ze bieden vaak rijke tonen van donker fruit, zoals kersen, frambozen en bramen, met subtiele hints van kruidigheid (zoals peper, kruidnagel en gedroogde kruiden), afhankelijk van het rijpingsproces.
In oudere wijnen kan de Garnacha ook tonen van tabak, leer of boter ontwikkelen, vooral als de wijn in eikenhouten vaten heeft gerijpt.
De tannines van Garnacha zijn vaak relatief zacht en het zuurgehalte is gemiddeld, wat de wijn veelal soepel en toegankelijk maakt.